Thin ice
Virtueel schaatsen met je muis
De schaatser moet langzaam bewegen om snel vooruit te komen. Wie wil leren schaatsen moet eerst oude gewoontes loslaten. Dat is 'de zen van het schaatsen'.


Het snelste rondje aller tijden staat nu op 24.3. Natuurlijk Wotherspoon, ditmaal lop de 1000 meter. Hij werd overigens derde op 10 november na Koskela (wereldrecord op de 1000) en Davis. Het toont aan dat je niet per se een wereldrecord hoeft te rijden voor de the fastst lap ever.
Ria en Mart
Mensen vragen mij nooit Max hoe slijp jij nou je schaatsen? Tijd om het dus maar eens te vertellen. Ik heb drie stenen:


Er is maar één record dat telt op de ijsbaan: het snelste rondje aller tijden. De Canadees Jeremy Wotherspoon reed gisteren een nieuw record op die afstand met vliegende start: 24.44. Hij had het record overigens al eerder in handen. Meestal wordt het snelste rondje gereden op de 1000 meter in de tweede ronde. Nu is het gemeten van finishstreep tot finishstreep. De schaatser die in de toekomst 24.00 rijdt, rijdt exact 60 kilometer per uur.
Ik kan het nog. In Leiden is een 200-meterbaan. De hardrijders rijden daar rechts, dus buitenom. Meestal rijden er twee pelotons 's avonds als het vrijschaatsen is voor hardrijders. Met het snelste peloton meerijden doet me altijd denken aan de steile wandraces vroeger op de kermis. Van die motoren die dan na enkele baantjes inrijden tegen een wand opreden en dan vrij horizontaal hun cirkels reden. Vooral het feit dat je zoveel bochten rijdt en ook echt moet hangen in die krappe bochten versterkt dat idee.

Ik kreeg een schaatsstok aangeboden. Zo'n stok waarmee rijders samen over het ijs gingen. Een prachtig exemplaar uit Noord-Holland getekend A. de Vries (nomen est omen). Maar te duur.